Blacksmith’s Reserve: Lagering

De Blacksmith’s Reserve nadert zijn botteling met rasse schreden. Op 23 maart werd hij van zijn secundair gistingsvat overgepompt naar het lagervat. Hier moet hij een tijdje rusten om alle sediment te laten precipiteren zodat de mede helder wordt.

The Blacksmith's Reserve 20170323

The Blacksmith’s Reserve: in de wachtkamer.

Voor een mede gebotteld kan worden, moet er nog heel wat gebeuren. Een net uitgegiste drank is erg troebel. Dat komt door de nog rondzwevende gistcellen. Naast het redelijk walgelijke uitzicht veroorzaken die miljarden gistcellen vaak ook een wrange, bittere smaak. Doordat ze inactief zijn en dankzij de zwaartekracht, zakken ze naar de bodem van het vat. Zelfs bij een glasheldere mede kunnen we niet zeker zijn dat àlle gistecellen zijn neergeslagen. Daarom wordt het brouwsel ook nog tweemaal gefilterd met een maasgrootte van ca. 0.5 µm. Gistcellen (Saccharomyces cerevisiae in het geval van brouwerijen)  hebben een grotere diameter van 5 tot 10 µm en blijven dus in het filter hangen.

Als de Reserve genoeg is uitgeklaard, wordt er eik toegevoegd. Dit gebeurt onder de vorm van eikenhouten snippers van een bourbonvat. Ideaal zou zijn om de mede een aantal dagen tot weken op een eiken vat te zetten. Gezien de beperkte oppervlakte van de brouwerij is dat helaas geen optie.